Owe no one anything, except to love one another

De bus

De bus is het goedkoopste vervoersmiddel, uitgezonderd de benenwagen en de vrijplaatsen op het dak. Veel mensen maken er gebruik van. Hier geen strippenkaart of OV-chip, maar contante kaartjes. Ik ben er nog niet helemaal zeker van of de prijzen per uur verschillen of dat ik elke keer voor de gek gehouden wordt. Maar voor een zelfde soort rit betaal ik variabel. Ik weet zeker dat ik af en toe voor de gek gehouden wordt, want toen ik eens twee dezelfde kaartjes kocht, kostte dat 29 Taka. Halve Taka's hebben ze hier niet. Maar kan geen Bengaalse discussie aangaan over de juiste prijs, bovendien is het maar een paar cent waar het om gaat.

Hoe werkt dat nu met de bus?

Eerst ga ik per riksja naar de bushalte, 2 km bij mijn huis vandaan. Dat kost me 20 Taka. (100 Taka = 1,20 Euro) Daarna steek ik de weg over, gebruik makend van de voetgangersbrug (zie foto's). Middenop de stoep (ja, sommige wegen hebben een stoep!)  is een rij opgesteld waar buskaarten verkocht worden. De mannen zitten onder een parasol waar de bestemming van de bus op staat. Zo weet je precies waar je moet wezen. Aangezien ik geen letter Bangla lees (het schrift is hier anders), moet ik het anders doen. Ik selecteer een verkoper en zeg: 'Kakoli' (mijn eindebestemming). Deze man wijst dan naar iemand anders die kaartjes voor deze bestemming verkoopt of verkoopt aan mij een kaartje naar Kakoli. Elke 5 seconde stopt er  een bus. Op de bus is geverfd welke route ze afleggen. Maar ook dat kan ik niet lezen, dus ben ik weer uitgeleverd aan de behulpzaamheid van de Bengalen. Bij elke bus die komt zeg ik 'Kakoli?' En als er dan iemand instemmend knikt loop ik naar de bus. Daar check ik nogmaals of de bus echt naar Kakoli gaat. Bengalen zijn behulpzaam, maar die behulpzaamheid gaat soms zo ver dat ze mij liever met een kluitje in het riet sturen dan mijn vraag met ‘nee' beantwoorden.

In de bus zijn speciale zitplaatsen voor mannen en vrouwen. De eerste drie rijen en de staruimte  naast de buschauffeur is voor vrouwen. De overige rijen zijn voor de mannen. Meestal heb ik geluk, want er zijn meestal weinig vrouwen in de bus. Af en toe zit er een man op de vrouwenplaats. Dat lijkt geaccepteerd als die plaats vrij is, maar als er een vrouw komt moet deze man zijn stoel afstaan. Af en toe heb ik pech en zijn de vrouwenplaatsen bezet. Het stampvolle vrouwenhoekje bij de buschauffeur is niet mijn favouriet. Soms probeer ik als niet wetende buitenlander op een mannenplaats plaats te nemen en meestal wordt dat gewoon geaccepteerd. Ik weet nog steeds niet hoe strikt ze met deze busregel zijn.

Na dit hele avontuur denk je eindelijk rustig in de bus te zitten, maar Dhaka-verkeer gunt de mens geen rust. Op een haar na missen we vele andere weggebruikers, daarom heeft een bus immers een tutter. Je kunt beter niet op de voorste rij zitten, want dan zie je elke keer wat er voor je ogen gebeurt of dreigt te gebeuren.

Bij de eindbestemming stap ik uit. Soms wat eerder, als de bus bijvoorbeeld in de file bij een kruispunt staat. De deuren staan toch altijd open......

Nog een raadsel.....

Waarom draagt een buschauffeur geen uniform?

(Antwoord volgt volgende week)

Reacties

Reacties

Marco

En wij maar tobben met de OV-chipkaart.

Geweldige foto's weer.

Groetjes Marco.

Mirjam

1. Het is te warm voor een uniform
2. Een uniform is te duur
3. Als de buschauffeur wordt opgepakt (bijv bij dronkenschap of wangedrag) kan iemand ander het makkelijker overnemen...

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!